Over het belang van griezelen in kinder – en jeugdboeken (gastblog van Lenno Vranken)

We bevinden ons reeds in oktober.  Zo breekt het zo genoemde ‘Spooky Season’ dan eindelijk weer aan!  Persoonlijk is dit voor mij een perfecte tijd om mij buiten te wagen – bij voorkeur ’s nachts – en de atmosfeer die zo rijkelijk in de lucht hangt in mij op te nemen.  Zo buiten zijn doet beelden in mijn hoofd opdoemen alsof ik naar een film zou kijken.  Woorden vormen zich om tot heuse verhalen met allemaal diezelfde, heerlijke ondertoon: griezelen en huiveren. 

Volgens mij gaat er niets boven het ervaren van een zeker onbehagen en dit terwijl je jezelf in een veilige omgeving bevindt. Binnenshuis of omgeven door de bomen van een nabij gelegen woud.  Volgens mij is er geen gevoel dat meer magie uitstraalt dan dit.  Een griezelig boek lezen bij kaarslicht kan eveneens voor die heerlijke huiveringen zorgen waar ik zo graag over praat (en schrijf!). 

Wanneer mensen mij over mijn boeken aanspreken, loopt het gesprek bijna altijd uit op dezelfde vraag: ‘Moest het zo griezelig?’ Het simpele antwoord daarop is altijd ‘ja’.  ‘Ja, waarom niet?!’  Gegarandeerd reageren de meesten dan ietwat geschokt.  Ergens kan ik het deze zielen niet kwalijk nemen.  Vooral de eerste twee delen van mijn reeks ‘De wereld achter de spiegel’ zijn immers bedoeld voor jonge lezers.  Waarom dan de elementen van monsters, geesten, bloed en afgelegen landhuizen gebruiken om mijn verhalen vorm te geven? 

Om meteen recht door de bocht te komen: griezelen is een vorm van realiteit.  Zo zit onze wereld – en hiermee de natuur – immers in elkaar.  Schoonheid en gruwel gaan hier hand in hand.  Je kunt nu eenmaal geen licht hebben waar er geen duister is.  Nu bestaan hier vast en zeker uiterst doordachte en wetenschappelijke artikels over, die ieder vrijstaan om zelf op te zoeken en te lezen.  Maar hopelijk heb ik zelfs zónder deze artikels mijn punt gemaakt.                             

Nu zou men mij als volgende kunnen vragen: ‘Maar is het nodig om kinderen vanaf jonge leeftijd met dit soort zaken te confronteren?’  Ik zou uiteraard niet willen stellen dat het nodig is om een film zoals bijvoorbeeld The Exorcist met dwang in de gezichten van ons jong kroost te dwingen, maar ik zou met overtuiging op ieders hart willen drukken dat we ze niet van gruwel en horror mogen onthouden.  Waarom niet?  Omdat onze realiteit niet op die manier werkt (zoals ik al eerder stelde).  Uiteindelijk filtert een kinderbrein er ook altijd uit wat het zelf niet aankan, hoewel wij als ouderen dit vaak vergeten of zelfs niet weten. 

Zo vertelde een van mijn tantes op een familieavond dat ze weigerde om sprookjes voor te lezen aan haar kleinkind.  ‘Kinderen die worden opgegeten door wolven, snoephuisjes met vleesetende heksen, vergiftigde appels en glazen doodskisten, dat zijn afschuwelijke dingen die niet meer van deze tijd zijn,’ vertelde ze ernstig.  Nu ben ik niet meteen met haar in discussie gegaan, maar ik heb nog lang nagedacht over het “statement” dat zij hiermee probeerde te maken.  Stiekem maakt het mij zelfs een beetje kwaad dat mensen het erfgoed van sprookjes zouden willen wijzigen of zelfs afschaffen.  Sprookjes zoals Sneeuwwitje, Raponsje, Hans en Grietje en nog vele anderen zijn pas in de negentiende eeuw verzameld door de Gebroeders Grimm.  Wat velen niet weten, is dat diezelfde sprookjes nog mínstens duizenden jaren ouder zijn. 

Ze werden verteld van familie op familie en waren toen nog tien keer gruwelijker dan de afgekuiste versies die wij vandaag de dag nog kunnen terugvinden.  Zelfs deze uiterst gruwelijke versies werden echter verteld aan jonge kinderen.  Waarom?  Omdat ouders het belangrijk vonden om hun nageslacht klaar te maken voor de gruwelen van de wereld, maar in een veilige omgeving.  Roodkapje en haar grootmoeder werden in feite nooit gered door de jager. 

De boze stiefmoeder van Sneeuwwitje beval het mooie meisje te laten doden en om haar longen en lever te laten uitsnijden zodat zijzelf deze organen kon verorberen als avondmaal.  Nadat Assepoester en haar prins trouwden, daalden twee witte duiven neer vanuit de hemel om de ogen van de lelijke stiefzusters uit te pikken.  Lijkt dit veel te akelig?  Misschien, maar deze versies overleefden duizenden jaren, totdat bedrijven zoals Disney besloten om alles zodanig te filteren dat de essentie van onze geliefde verhalen haast verloren ging.

Als schrijver van Fantasyverhalen zal ik altijd blijven strijden voor het voortbestaan van onze klassieke sprookjes, maar ook voor het behouden van griezelige elementen in verhalen op zich!  Sprookjes vormen nu eenmaal de bakermat voor alles wat ik doe, zowel als schrijver als persoon in het dagelijks leven.  Tegelijkertijd geldt dit ook voor gruwel en horror.  Wat ons schrik aanjaagt, doet ons op ons hoede zijn.  Wat ons schrik aanjaagt, vraagt ons ook om de schoonheid in duisternis te zien.  Het klinkt misschien uitdagend, maar stel jezelf eens open en aanvaard datgene wat ieder van ons in zich heeft.  Volgens mij is dit de sleutel tot veel problemen.  Misschien zelfs de sleutel tot onszelf.

Blijf lezen!

Lenno Vranken           

Over de auteur van deze blog

Lenno Vranken (2000, Neeroeteren) is auteur van de reeks De Wereld Achter de Spiegel.  Hij was al heel vroeg geboeid door sprookjes en oude sagen en wilde al zo lang hij zich kan herinneren schrijver worden. Naast schrijven houdt Lenno zich het liefst bezig met acteren, zingen, tekenen en uiteraard lezen. Hij is een enorme fan van de Harry Potter–boeken, Gotische literatuur en oude griezelfilms. Hij begon zijn boeken te schrijven toen hij dertien was.

Ontdek hier hoe je kan griezelen met Lenno’s boeken

Gepubliceerd door Leen Raats

Leen Raats is copywriter, schrijver, storyteller, ghostwriter en eindredacteur.

Eén opmerking over 'Over het belang van griezelen in kinder – en jeugdboeken (gastblog van Lenno Vranken)'

  1. Heb in een lang verleden inderdaad een kloeffer van een wetenschappelijk naslagwerk gelezen over het belang van griezelige sprookjes voor kinderen, en de subliminale boodschap van het aanvaarden en zich verzoenen met de eigen duistere kant in onszelf. Exact jouw conclusie!

Geef een reactie